'Volgend seizoen extra gretig'

'Volgend seizoen extra gretig'

Iedere week schrijft een speler of speelster van Ajax een column op Ajax.nl. Lasse Schöne, Ricardo van Rhijn, Tessel Middag en Liza van der Most wisselen elkaar telkens af. Deze week is Ricardo van Rhijn aan de beurt.

Vandaag is het exact vier jaar geleden dat Ajax de derde ster veroverde. Voor iedereen met een Ajax-hart was het een prachtige dag. Ook voor mij, al heb ik het letterlijk en figuurlijk van een afstandje beleefd. Ik maakte toen deel uit van Jong Ajax en met de beloften zaten we op dat moment in Hong Kong. Het was daar een stuk later dan in Nederland, het liep tegen middernacht, maar in het hotel hebben we met z’n allen de wedstrijd gevolgd.

Hoewel ik het fantastisch vond en op mijn eigen manier heb genoten, was het voor mij geen grote opluchting. Ik ben natuurlijk Ajacied in hart en nieren, maar ik was niet dusdanig betrokken bij het team dat ik hetzelfde gevoel kon hebben als de jongens op het veld. Ik had wel zoiets van: potverdorie wat had ik daar graag bij gestaan of gezeten. Dat was toen echter nog niet voor mij weggelegd.

Ik had toen niet het idee dat ik tegen het eerste elftal aanzat. Ik was een vaste waarde bij Jong Ajax en had enkel een benefietwedstrijd voor Japan in de ArenA in het eerste gespeeld. Gelukkig kan het snel gaan. In september maakte ik tegen Noordwijk mijn officiële debuut en vier maanden later, in december, volgde mijn eerste duel in de Eredivisie. De laatste drie kampioenschappen heb ik wel van dichtbij ervaren.

Veel wordt er over die dertigste landstitel in de selectie niet meer gesproken. Bijna iedereen is weg, op Nicolai Boilesen na. Bijna niemand heeft dus de herinneringen en ervaringen. En daarbij hebben we het onderling vooral over het heden. Het is absoluut mooi wat we de afgelopen jaren met al die kampioenschappen op rij hebben bereikt, maar iedereen weet dat vandaag telt bij een club als Ajax.

De mooie momenten die we hebben beleefd, komen dus niet heel veel ter sprake, maar we worden er nog wel eens mee geconfronteerd. Bijvoorbeeld door de foto’s op de club en in de kleedkamer. Het zijn mooie herinneringen.

Maar we leven in het heden en de realiteit is dat wij voor het eerst in vijf jaar met lege handen staan in de competitie. Dat doet pijn. Ondanks dat iedereen zag aankomen dat PSV kampioen zou worden, was ik er doodziek van. Zeker toen ik beelden van het kampioensfeest voorbij zag komen. Dat was vervelend, omdat ik weet hoe mooi het kan zijn.

Toen ik de beelden van het PSV-feest zag, bekroop mij het gevoel dat ik dit nooit meer wil meemaken. We zijn tweede geworden, terwijl bij Ajax enkel het kampioenschap telt. Het is niet verkeerd om jezelf daarmee te confronteren. Het maakt ons extra gretig voor volgend seizoen. Die honger hebben we sowieso wel, maar beelden versterken dat gevoel alleen maar. Volgend seizoen willen wij weer met de schaal in handen staan. Net zoals op 15 mei 2011.

Foto: Ajax.nl/Gerard van Hees