Witschge terug van nooit weggeweest

Witschge terug van nooit weggeweest

Ajax loopt als een rode draad door het even van Richard Witschge. Na een geslaagde voetbalcarrière keert de linkspoot dit jaar als trainer-in-opleiding terug in de jeugdopleiding van de club. De jongste Witschge is terug van nooit weggeweest.

Schuilt in Richard Witschge een trainer? De ooit zo begaafde linkspoot proeft de vraag en laat een stilte vallen. Op de vraag blijkt eigenlijk geen antwoord te bestaan. Nog niet tenminste. Wie aan Witschge denkt, ziet een even frivole als getalenteerde speler voor zich. Een Ajacied met bovenmatig veel balgevoel en een gezonde dosis voetbalhumor. Witschge in lange regenjas of clubkostuum in de dug-out van willekeurig welke club? Het is een beeld voor de toekomst.
,,Als speler heb ik er ook geen moment aan gedacht om trainer te worden'', doorbreekt Witschge het zelfgekozen stiltemoment in de kantine van de Toekomst. ,,Om eerlijk te zijn: het trainerschap leek me altijd een kloteberoep. Een beroep waarin je het in nare tijden aan je rikketik kunt krijgen. Ook omdat de pers er bovenop zit. Alles bij elkaar is er spanning en stress. En je kunt het nog zo goed neerzetten; in het veld kunnen de spelers iets heel anders doen. Dan kun je nog zo’n goede trainer zijn… Dat is hoe ik er toen over dacht."
De jongste van de gebroeders Witschge heeft er eigenlijk nog nooit écht over nagedacht. Het beeld, dat stamt uit zijn actieve jaren als speler, klopt niet meer. De diploma’s Oefenmeester 3 en 2 vormen het papieren bewijs van zijn nieuwe interesse. Kort na zijn laatste wedstrijd meldde hij zich uit eigen beweging bij de trainersopleiding. Ervaring deed hij inmiddels op als assistent-trainer. Afgelopen seizoen bijvoorbeeld, liep hij een vrijwillige stage bij Jong Ajax.
,,Dat was puur een stage voor mezelf. Ik wilde gewoon eens een jaartje met zo’n ploeg meelopen. Gewoon om eens te kijken hoe het is. Ik wilde het wel eens van de trainerskant bekijken. Tot nu toe heb ik nog nooit een eigen ploeg getraind. Ik weet dus niet hoe het is om trainer te zijn. Of het iets voor me is, moet de toekomst uitwijzen. Hoe reageer je bijvoorbeeld met een groep voor je neus? En hoe ziet het leven eruit na drie nederlagen op rij? Dat weet je alleen als je een eigen groep traint en begeleidt." Na een nieuwe stilte: ,,Misschien blijf ik wel assistent. Dat bevalt me in elk geval prima."

Richard Witschge samen met B2-trainer Maarten Stekelenburg. Richard Witschge samen met B2-trainer Maarten Stekelenburg.

De voetbaljaargang 2007-2008 biedt nieuwe stappen in het leerproces. Het wordt een ‘gekkenhuis’, voorspelt Witschge. De begeleidende staf van Ajax B2 is inmiddels aangevuld met de stagiair Richard Witschge. Hij combineert de stage bij zijn oude club met een stageverband bij Oranje onder 19 jaar. Alles in het kader van de cursus Oefenmeester 1.
,,Ik heb mijn leven lang niets anders gedaan dan voetballen'', zegt de 37-jarige Witschge. ,,Dan is het toch gek om daar helemaal niets meer mee te doen. Ik ben nog steeds dol op voetbal." Buiten het voetbal om, werkt hij ook aan zijn zakelijke vaardigheden. Samen met een vriend stort Witschge zich binnenkort in de verkoop van kinderondergoed. ,,Kinderen kunnen het ook aan tijdens het voetballen'', grapt Witschge. ,,Zakelijk gezien wordt dit geen dagelijks werk. Maar dat kan het misschien wel worden."
Voortschrijdend voetbalinzicht. Zo valt zijn visie op het trainersschap wellicht het beste te omschrijven. Broer Rob, drie jaar ouder dan Richard, gaf hem het goede voorbeeld. De huidige assistent van bondscoach Marco van Basten deed eerder ervaring op in het amateurvoetbal. Richard speelde zelfs nog enkele wedstrijden onder zijn broer, de toenmalige trainer van amateurhoofdklasser ADO’20 uit Heemskerk. Maar de interesse voor het coachvak komt geheel uit hem zelf, benadrukt de jongste Witschge.

Zijn laatste wedstrijd in Ajax 1 was tevens het slotstuk op een fraaie carrière. Via de jeugdopleiding van Ajax, belandde de linkermiddenvelder bij FC Barcelona, Girondins de Bordeaux, Blackburn Rovers en Alavés. In 2003 besloot Witschge zijn loopbaan in Ajax-shirt. Het einde was, zoals wel vaker, ook een nieuw begin.
Mist hij het voetballer-zijn? Witschge reageert schouderophalend. De verleden tijd was mooi, fraai zelfs. De wedstrijdjes die hij soms nog speelt, onder meer met de oud-internationals en Lucky Ajax, dragen het karakter van een reünie. Maar het verleden is het verleden. Alhoewel. ,,Soms, heel soms denk ik wel eens tijdens een wedstrijd: 'Kon ik dat nog maar opbrengen…' Niks is lekkerder dan je uitleven in een vol stadion. Dat is genieten. Als voetballer had ik het vooral naar mijn zin als ik het publiek zag genieten. Ik heb de mensen altijd leuke dingen willen laten zien. Hakjes, die soort dingen. Als voetballer moet je soms kunnen doen wat in je opkomt." Als toeschouwer valt er soms minder te genieten. ,,Soms is het zonde van de tijd om naar een wedstrijd te kijken. Vooral omdat er zo weinig spelers nog risico durven nemen. Veel spelers zijn bang om fouten te maken. Als voetballer moet je daar maling aan hebben, vind ik." Witschge maakt daarbij wel een klein voorbehoud. ,,Als je de kwaliteiten niet hebt, moet je het simpel houden. Natuurlijk." Het klinkt bijna als een Cruijffiaanse wijsheid.

Terug bij de jeugdopleiding van Ajax, maar nu als leermeester voor de jonge talenten. Terug bij de jeugdopleiding van Ajax, maar nu als leermeester voor de jonge talenten.

Cruijff was de man die hem op 26 oktober 1986 liet debuteren. Witschge won zijn allereerste wedstrijd in Ajax 1 direct met ruime cijfers van AZ: 1-6. Het geslaagde debuut was een beloning voor het succesvol doorlopen van de jeugdopleiding. Als dertienjarige verruilde Witschge de knusse buurtclub SDW voor het mondainere Ajax. Als het aan de toenmalige jeugdtrainers van Ajax lag, had Witschge de stap vijf jaar eerder al gemaakt. Witschge wilde niet. ,,Ik had het gewoon heel erg naar mijn zin bij SDW. We woonden ook in Amsterdam-West. Elke dag met de tram naar Oost leek me niks. Toen waren er nog geen busjes die je naar de club brachten. Tussen mijn achtste en dertiende kwam Ajax elk jaar weer met de vraag of ik de overstap wilde maken. Mannen als Jany van der Veen en Tonnie Bruins Slot zaten toen nog bij Ajax. Op mijn dertiende was de tijd rijp voor een overstap. Vier jaar later zat ik bij het eerste."

Cruijff was een voorname leermeester. Rinus Michels, Louis van Gaal, Leo Beenhakker en Guus Hiddink waren dat ook. Net zo goed als dat hij heeft geleerd van Co Adriaanse, de trainer waarmee hij later flink botste. Van Gaal en Michels vierden als trainers de grootste successen bij Ajax. De oude Michels, die hij meemaakte als bondscoach, wordt vooral geroemd om zijn teamtactische kwaliteiten. ,,Er stond iemand." De huidige trainer van AZ wordt gekarakteriseerd als eerlijk. ,,Een man van veel discipline. Stel dat ik van de trainers waarmee ik heb gewerkt de sterkste punten bij elkaar kon nemen. Neem die mix; zo’n trainer wil ik wel worden. Daar teken ik direct voor."
Dit seizoen zijn de gebroeders Witschge eindelijk weer bij Ajax herenigd. Broer Rob loopt een jaar lang stage bij Jong Ajax. Tot eind jaren tachtig speelden de Witschges samen bij Ajax. 2007 is het jaar waarin de twee, beide als stagiair, terugkeren bij hun oude club. Vooral voor Richard is het een terugkeer van eigenlijk nooit weggeweest.