'Tom-is-laf-Ivic', maar Ajax wel weer kampioen

'Tom-is-laf-Ivic', maar Ajax wel weer kampioen

Jaap Visser van Kick uitgevers schrijft elke maandag een blog over de geschiedenis van Ajax. Deze week gaan we terug naar 1 mei 1977 wanneer Ajax in een tamme stadsderby de titel grijpt hetgeen tot weinig uitbundigheid leidt.

Kletterende regen in een kil Olympisch Stadion waar de titelpretendent weinig heeft te duchten van de thuisspelende degradatiekandidaat. Wanneer het 0-3 staat, rommelt Ajax zich naar het eindsignaal, naar de bloemen en de champagne, en scoort FC Amsterdam nog gauw even twee keer tegen. Maar Ajax is kampioen, met nog twee speelronden te gaan, en het zieltogende FC Amsterdam zal het Eredivisie-verblijf uiteindelijk met nog een jaartje weten te rekken.

Titel maakt geen euforie los
Voor het eerst sinds de jaren van Cruijff en Keizer is Ajax weer de nummer één van Nederland, maar deze titel maakt geen euforie los. Dit kampioenselftal steekt immers armoedig af bij de wereldploeg uit de recente glorietijd. Zelfs Tomislav Ivic is niet echt opgetogen nu hij heeft gedaan wat hij zijn spelers beloofde: Ajax kampioen maken.

'Mooi zo’n kampioenschap binnenhalen’, zegt Ivic wat mokkend, 'maar ik ben het nu alweer vergeten’

Naar de zin van de Kroatische oefenmeester heeft zijn eerste ploeg in het buitenland te weinig gefonkeld en te vaak geluk gehad. ,,Mooi zo’n kampioenschap binnenhalen’’, zegt Ivic wat mokkend, ,,maar ik ben het nu alweer vergeten.''

Nadat hij PSV in de Europa Cup spitsroeden had zien lopen tegen Hajduk Split beval Rinus Michels de trainer van deze razendsnelle en listige counterploeg bij Ajax aan. Zo komt Tomislav Ivic op zijn 43ste in Amsterdam terecht, waar hij zich rot schrikt van hoe het is gesteld met ‘de gloria Ajax’, zoals hij de gevallen Europese grootmacht noemt. Hij wist dat Johan Cruijff, Piet Keizer en Johan Neeskens er niet meer waren, maar hij had niet verwacht dat hij met zo veel middelmatige spelers aan de slag moest.

Aftellen in het zeiknatte Olympisch stadion. Voorzitter Jaap van Praag (links) en zijn medebestuurders Dick Boering, Jan Westrik en Henk Timman staan klaar met de kampioensbloemen. In de dug-out vanaf links materiaalman Sjaak Wolfs, Barry Hulshoff, Frank Arnesen, Heinz Stuy, Tomislav Ivic, Bobby Haarms en fysiotherapeut Hans Wolf.
Aftellen in het zeiknatte Olympisch stadion. Voorzitter Jaap van Praag (links) en zijn medebestuurders Dick Boering, Jan Westrik en Henk Timman staan klaar met de kampioensbloemen. In de dug-out vanaf links materiaalman Sjaak Wolfs, Barry Hulshoff, Frank Arnesen, Heinz Stuy, Tomislav Ivic, Bobby Haarms en fysiotherapeut Hans Wolf.

De kleine Kroaat voert Hans Erkens, Dick Schoenaker, Pim van Dord en René Notten mee naar het gymzaaltje onder de eretribune voor een harde scholing in kort en strak passen, een voorwaarde om snel te kunnen omschakelen, hetgeen nodig is voor het Hajduk-achtige voetbal dat hij met Ajax wil gaan spelen. ‘Wat willen jullie’, houdt Ivic zijn selectie voor, ‘lekker voetballen voor de lol, maar wel vaak verliezen, of kampioen worden?’

‘Wat willen jullie’, houdt Ivic zijn selectie voor, ‘lekker voetballen voor de lol, maar wel vaak verliezen, of kampioen worden?’

Ajax wil kampioen worden en volgens Ivic kan dat maar op één manier: zijn manier. De oudgedienden Wim Suurbier, Barry Hulshoff en Ruud Krol worden het fundament van een ploeg met vijf verdedigers en één diepe spits, Ruud Geels, op wie het Amsterdamse countervoetbal met succes wordt afgestemd.

Ajax heeft voor zijn zeventiende landstitel maar 62 doelpunten nodig
Ajax heeft voor zijn zeventiende landstitel maar 62 doelpunten nodig, liefst 34 komen op naam van Geels. Het is zijn kampioenschap en dat van de tactisch sluwe trainer. Maar het publiek loopt er niet warm voor, getuige vooral het spandoek ‘Tom-is-laf-Ivic’.

[Kick uitgevers is de boekenpartner van Ajax en uitgever van het Jaarboek dat een nieuwe formule heeft gekregen en zal uitgroeien tot de Ajax Encyclopedie. Koop via onderstaande button mét korting jouw exemplaar van deel 1 van de Ajax Encyclopedie]

Ajax Encyclopedie

Fotobijschrift (boven): FC Amsterdam-aanvoerder Jan Jongbloed is na de toss gauw tussen de poserende tegenstanders gaan staan. Gebbetje waar zijn vroegere clubgenoot (bij DWS) Piet Schrijvers wel om kan lachen. Rechts van Schrijvers Wim Suurbier, Ruud Krol, Johnny Dusbaba, Tscheu-la Ling, Jan Jongbloed, Pim van Dord. Voor vanaf links: Søren Lerby, Hans Erkens, Johan Zuidema, Ruud Geels, Dick Schoenaker.

Foto (boven): Hans Peters, Nationaal Archief/Anefo, collectie CC-BY, 929-1570