Vasco, de leider die Ajax sluw en weerbaar maakte

Vasco, de leider die Ajax sluw en weerbaar maakte

Jaap Visser van Kick uitgevers (de boekenpartner van Ajax) schrijft elke week een blog over de geschiedenis van Ajax. Deze week gaan we terug naar 4 maart 2002, wanneer in Belgrado een groot Ajacied overlijdt aan een hartstilstand.


Jaap Visser van Kick uitgevers (de boekenpartner van Ajax) schrijft elke week een blog over de geschiedenis van Ajax.


Velibor Vasovic is 27 jaar oud wanneer hij in 1966 na een lange autorit in zijn bescheiden NSU 110 in Amsterdam arriveert. De reeds door vele wateren gewassen voetballer van Partizan Belgrado komt praten met Ajax. Omdat Vasovic genoeg betekend heeft voor het voetbal in zijn vaderland, mag de alom geprezen centrumverdediger zijn geluk in het Westen gaan beproeven.

Onverschrokken en daadkrachtig
Velibor kan in West-Duitsland aan de slag, hij is ook al bijna rond met 1860 München, maar een onverwacht telefoontje uit Nederland doet hem toch ook nog maar even zijn licht in Amsterdam opsteken. Ajax-trainer Rinus Michels heeft de vrouw van een goede bekende, Dries Blankert, gevraagd met Belgrado te bellen. Daar krijgt zij mevrouw Vasovic aan de lijn. Mirjana zegt niet zo nodig naar Duitsland te hoeven, aangezien haar vader in de oorlog door de Nazi’s is vermoord.

Michels is geïnteresseerd in Vasovic omdat hij weet dat de verdediger die scoorde in de Europa Cup-finale van 1966 tegen Real Madrid (die Partizan weliswaar met 2-1 verloor) een leiderstype is. Hij ziet in de stoïcijnse, onverschrokken en daadkrachtige verdediger een leider voor zijn soms al te frivole elftal. Vasovic moet Ajax tactisch sluwer en weerbaarder maken.

Londen, 2 juni 1971, Ajax voor de Europa Cup-finale tegen Panathinaikos (2-0). Achter vanaf links: Barry Hulshoff, Heinz Stuy, Wim Suurbier, Dick van Dijk, Gerrie Mühren. Voor: Piet Keizer, Sjaak Swart, Nico Rijnders, Velibor Vasovic, Johan Cruijff, Johan Neeskens. Bron: Ajax Erfgoed
Londen, 2 juni 1971, Ajax voor de Europa Cup-finale tegen Panathinaikos (2-0). Achter vanaf links: Barry Hulshoff, Heinz Stuy, Wim Suurbier, Dick van Dijk, Gerrie Mühren. Voor: Piet Keizer, Sjaak Swart, Nico Rijnders, Velibor Vasovic, Johan Cruijff, Johan Neeskens. Bron: Ajax Erfgoed

Waar het geld op straat ligt
Hoewel hij het voetbal in West-Duitsland hoger aanslaat, kiest Velibor voor Ajax. Amsterdam bevalt Mirjana en hem en in het boek De Ajacieden van Maarten De Vos vertelt hij in 1971, aan het einde van zijn 4,5 jaar in Nederland, dat ook bijgeloof een rolletje speelde.

Wanneer het echtpaar Vasovic hotel L’Europe bij De Munt wil binnenstappen voor een gesprek met Ajax zou het een dubbeltje op de stoep hebben zien liggen. En volgens Velibor zegt een Joegoslavisch spreekwoord dat waar het geld op straat ligt het goed verdienen is.

'Vasco van Ajax'
In het voorjaar van 1967 komt Vasovic op zijn favoriete plek in het hart de verdediging terecht wanneer Ajax zich onnodig door Dukla Praag uit het Europa Cup-toernooi laat duwen. Het einde van libero Frits Soetekouw, die Dukla aan de zege helpt door in zijn eigen doel te schieten, is het begin van een prachtige periode Vasovic in Amsterdam die 2 juni 1971 eindigt, op Wembley, waar Velibor als aanvoerder van Ajax de Europa Cup in ontvangst neemt. 

Vasco, zoals zijn koosnaam luidt, is dan 31 jaar. Nog eens 31 jaar verder betoont Bobby Haarms in Belgrado met een enorme rouwkrans grote eer aan de veel te vroeg overleden aanvoerder. Op een lint staat de alleszeggende tekst: 'Vasco van Ajax'.

Fotobijschrift (boven): Velibor Vasovic wijst Ajax de weg in de thuiswedstrijd tegen FC Twente, 28 maart 1971 (3-0). Links Dick van Dijk, rechts Barry Hulshoff.
Bron: Ajax Erfgoed

Lees ook: Repenoffensief van Ronald de Boer helpt Ajax verder