Team van Toen | Arquinio Bel: 'De onderlinge concurrentie was het moeilijkste'

team-van-toen-arquinio-bel-de-onderlinge-concurrentie-was-het-moeilijkste
team-van-toen-arquinio-bel-de-onderlinge-concurrentie-was-het-moeilijkste

Socials

''Als ik echt lang over iedereen ga praten, dan kan ik gewoon door blijven gaan, hoor. Er komen steeds meer herinneringen naar boven. '' Arquinio Bel kijkt met een big smile naar de foto die voor hem op tafel ligt. Ook na ruim 3 kwartier borrelen de herinneringen over Ajax C1 uit het seizoen 2013-2014 op. Zoals over Matthijs de Ligt, Oranje-international en speler van grootmacht Juventus.

''Ik zat altijd met hem in het busje naar Ajax'', aldus Bel. ''Ik werd eerst opgehaald van school, daarna reden we door naar zijn school, ergens achter station Amsterdam-Zuid. We praatten veel en hij luisterde mee met onze muziek. We spraken af en toe zelfs over meisjes, haha.'' Maar Bel herinnert De Ligt vooral als een serieuze jongen. ''Hij was altijd gefocust, serieuzer dan de rest.''

Lollige bijnamen
Het verhaal van zijn nickname is bekend. ''Matthijs was een beetje fors, dus noemden we hem dikkie'', grijnst Bel. ''Hij kon er wel om lachen en was eigenlijk totaal niet boos te krijgen. Iedereen had een bijnaam. Die van Justin Kluivert was doksie, dat betekent 'eend' in het Surinaams. Donyell Malen noemden we boeroe. Hij woonde nabij Den Helder op een groot landgoed, terwijl de meeste jongens uit de stad kwamen.''

De Ligt, Kluivert, Malen; stuk voor stuk namen die Oranje hebben gehaald en basisspeler zijn bij respectievelijk Juventus, AS Roma en PSV. ''Ze zeiden ook wel dat wij de sterkste lichting in de jeugd waren'', herinnert Bel zich. ''Wij lieten dat ook zien. Volgens mij wonnen we alles dat jaar. Vanaf deze lichting zag je al spelers volwassen en sterk worden.''

'Het was niet leuk meer, zo snel was Ché'

''Wie er bovenuit stak? Een moeilijke vraag'', zegt Bel. ''Ik denk toch Ché Nunnely, puur dat jaar. Wij schrokken eigenlijk van hem. Hij kwam van FC Utrecht naar Ajax, maakte indrukwekkende solo’s, scoorde, liep door iedereen heen, was supersnel… Het was niet leuk meer, zo snel was Ché. Hij viel écht op toen. En Matthijs ook natuurlijk. Die kon op z’n 15e qua fitheid en fysiek al met de A1 mee.''

Concurrentie in de voorhoede
Bel zat vaker dan hem lief was op de reservebank. ''De concurrentie was het moeilijkste'', blikt de Amsterdammer terug. ''In de spits stond Donyell; Anderson López was als groot talent overgekomen van Vitesse en speelde ook vaak, Ché was onze rechtsbuiten en Justin concurreerde dan met Anderson voor de positie van linksbuiten. Ik speelde wel elke wedstrijd. Als het geen half uurtje was, dan misschien 20 minuten. Af en toe een helftje, soms in de basis. Ik was de jongste van het team.''

'De tripjes naar het buitenland waren ook super leuk'

Het niveau van toen is Bel bijgebleven, maar ook de gezellige sfeer in de kleedkamer. ''Iedereen had een ander karakter, maar we maakten altijd grappen met elkaar'', aldus Bel. ''Het staat nog op mijn netvlies hoe iedereen was. Ik krijg er een lach van op mijn gezicht. De tripjes naar het buitenland waren ook super leuk. We gingen dat seizoen volgens mij naar Italië en Qatar.''

Doldwaze kampioenswedstrijd
Het seizoen werd in ieder geval afgesloten met een knallend duel. Op neutraal terrein streden Ajax C1 en Feyenoord C1 in juni voor het landelijke kampioenschap. De start van de Amsterdammers was dramatisch. Binnen een kwartier leidde Feyenoord met 0-2. ''Wij werden geslacht op de counter'', weet Bel nog. Tot overmaat van ramp moest doelman Nigel Bouman 10 minuten later inrukken wegens een overtreding die hem een rode kaart opleverde.

Echter kwam Ajax voor rust nog terug via een eigen doelpunt (1-2) en een treffer van Malen (2-2). In de tweede helft kreeg Ruben Hoogenhout zijn 2e gele kaart en moest Ajax zelfs verder met 9 man. Op miraculeuze wijze wonnen Bel en consorten. ''Matthijs had kramp en kon niet meer'', oreert Bel. ''Hij zat op de grond, maar we konden niet meer wisselen en stonden al met 9 man. Hij trok z’n laatste sprintje en forceerde een penalty. Noa Lang schoot ‘m binnen. Meestal juich je niet tegen je oude club, maar hij was superblij, haha. We hadden echt een getalenteerd team. Je kon toen al zeggen dat de helft het zou redden.''

Lees ook: Team van Toen | Tom Boere: 'Jongens als Promes waren niet op hun mondje gevallen'
Bekijk ook:
Highlights Ajax O19 - Valencia O19

Tekst: Ajax.nl/Stefan Maas
Beeld: Ajax.nl/Louis van de Vuurst en Gerard van Hees

Socials

Wil jij op de hoogte blijven van Ajax?

Ontvang meldingen bij updates op Ajax.nl