Club van 100: Wim Suurbier

Club van 100: Wim Suurbier

De Club van 100 van Ajax telt liefst 150 spelers die meer dan honderd officiële wedstrijden voor Ajax hebben gespeeld. In deze serie zetten we de tien Ajacieden met de meeste duels in de schijnwerpers. Deze week aandacht voor de nummer 2 op de lijst: Wim Suurbier. De vleugelverdediger kwam in totaal tot 509 wedstrijden in dienst van Ajax.

Suurbier maakt op 5 januari 1964 in het uitduel met ADO Den Haag (1-0 nederlaag) zijn competitiedebuut voor Ajax. Hoewel de 18-jarige Amsterdammer op de bank start, wordt hij door trainer Jack Rowley na 33 minuten spelen ingebracht ten faveure van Kees Ruiter. Zijn laatste wedstrijd speelt de rechtervleugelverdediger op 19 oktober 1977 tegen het Bulgaarse Levski Spartak (1-2-zege) in de tweede ronde van de Europa Cup 1.

Theo van Duivenbode, die aan de andere kant van de verdediging opereerde, lag bij Ajax vier, vijf jaar lang met Suurbier op de kamer tijdens trainingskampen en buitenlandse wedstrijden. Hij roemt de kwaliteiten van zijn voormalige ploeggenoot. ,,Wim was verschrikkelijk snel en had een fantastische conditie'', steekt het lid van de Raad van Commissarissen van Ajax van wal. ,,Daarnaast was hij rücksichtslos in de duels. Als je tegen Wim zei: die nummer elf van de tegenpartij wil ik vandaag niet zien, kwam het voor elkaar. Verder kwam hij mede door zijn goede conditie geregeld op vanaf de rechterkant.''

Van Duivenbode, die Ajax in 1969 verruilde voor Feyenoord, is niet verbaasd dat Suurbier nadien zoveel succes kende. ,,Ook in mijn tijd hadden we al een fantastisch elftal met Johan Cruijff en Piet Keizer als grote uitblinkers. Mede door hen hebben de meeste spelers altijd twee niveautjes hoger gespeeld. Toen Johan nog in de spits speelde, hield hij altijd twee, drie tegenstanders bezig, waardoor anderen meer ruimte kregen. Wim heeft onder meer driemaal de Europa Cup 1 - de huidige UEFA Champions League - gewonnen en twee WK-finales gespeeld. Er zijn niet veel spelers die dat kunnen zeggen.''

De destijds nog piepjonge Wim Suurbier (staand, links) maakte Ajax' opmars richting wereldtop van dichtbij mee. Sterker: de back leverde een belangrijke bijdrage aan het succes. De destijds nog piepjonge Wim Suurbier (staand, links) maakte Ajax' opmars richting wereldtop van dichtbij mee. Sterker: de back leverde een belangrijke bijdrage aan het succes.

In het hedendaagse voetbal ziet Van Duivenbode maar weinig backs die kunnen wedijveren met Suurbier. ,,Ik zie in de Nederlandse competitie sowieso geen jongens lopen met de hardheid, snelheid en conditie van Wim. Met de discussie dat het voetbal toen heel anders was dan tegenwoordig ben ik inmiddels gestopt.''

Ook buiten het veld kon Van Duivenbode goed met Suurbier overweg. ,,Ik heb in die vijf jaar dat ik met hem op de kamer lag vreselijk veel gelachen. Wat overigens weleens vergeten wordt, is dat Wim ook een serieuze gozer was die heel goed over dingen nadacht.''

Dat Ajax destijds behalve Suurbier en Van Duivenbode nog zes, zeven Amsterdamse jongens in het elftal had, maakt nostalgische gevoelens los bij laatstgenoemde. ,,Al weet ik zeker dat er nu binnen een straal van honderd kilometer nog behoorlijk veel talent zit.''

Suurbier verruilt Ajax in 1977 voor het Franse FC Metz, vanwaar hij amper een jaar later vertrekt naar Schalke ‘04 uit Duitsland. ,,Maar dat was geen groot succes'', herinnert Van Duivenbode zich. ,,Vandaar dat hij naar Amerika is vertrokken'', waar de 60-voudig international bij Los Angeles Aztecs opnieuw ploeggenoot wordt van Cruijff.

Daarna keert Suurbier in 1981 terug naar Nederland voor een kortstondig avontuur bij Sparta, voordat hij opnieuw de oversteek maakt naar de Verenigde Staten. Daar sluit hij in 1982 zijn imposante loopbaan af bij Golden Bay Earthquakes.

Behalve de eerdergenoemde Europa Cups veroverde Suurbier met Ajax zevenmaal de landstitel en vier keer de nationale beker. Tevens won hij tweemaal de Europese Supercup en een keer de Wereldbeker voor clubteams.

Na zijn actieve carrière trainde Suurbier hoofdzakelijk Amerikaanse clubs. Eenmaal terug in Nederland bekeek hij voor Ajax enige tijd wedstrijden en spelers voor de scouting.

Tekst: Ajax.nl/Coen Heil
Foto’s: Ajax.nl/Erfgoed Ajax